The Beautiful Team

In Duitsland zal voor de 18e keer om de Wereldtitel voetbal worden gestreden. Grote favoriet lijkt Brazilië. Coach Carlos Alberto Parreira beschikt namelijk over een ploeg tjokvol wereldtalent. Daarover beschikte Mario Jorge Zagallo ook in 1970 tijdens het Wereldkampioenschap in Mexico. Bovendien vormden deze vedetten ook nog eens een echte ploeg. Brazilië'70 zou de geschiedenis ingaan als The Beautiful Team en werd in 2000 uitgeroepen tot elftal van de eeuw. Volgens velen speelden ze het mooiste voetbal dat ooit is gespeeld.
Onder leiding van de in Brazilië niet erg geliefde trainer João Saldanha, een vroegere en nogal kritische journalist, had Brazilie zich soepel door de voorrondes van het WK gewerkt. Desondanks was er al diverse keren kritiek geuit op Saldanha, met name vanwege zijn wispelturige selectiebeleid. Nadat hij had gesuggereerd om Pelé, waarmee hij een machtsstrijd uitvocht, niet te selecteren voor het WK en nadat hij in het huis van één van zijn critici zwaaiend met een revolver was aangetroffen, werd hij enkele maanden voor het WK ontslagen. Zagallo, de voormalige linksbuiten die als speler in 1958 en in 1962 wereldkampioen was geworden, werd vervolgens benoemd tot bondscoach van de Brazilianen. Hij zou de eerste zijn die zowel als speler en als trainer wereldkampioen werd.
Zagallo koos voor een elftal dat vooral was gericht op aanvallen. De twee centrale verdedigers Piazza en Brito waren tezamen met middenvelder Clodoaldo de enigen die verdedigend dachten. Bovendien stond doelman Félix niet bekend als erg betrouwbaar. De Braziliaanse defensie stond af en toe dan ook op wankele benen, maar dat speelde nauwelijks een rol. Met de immer oprukkende rechtsachter Carlos Alberto, de aanvallende middenvelder Gérson en een aanval Jairzinho, Pelé, Tostão en Rivellino, werd er telkens meer gescoord dan de tegenstander. Het gracieuze elftal koppelde techniek aan snelheid van uitvoering en het spelplezier straalde er vanaf. Het smaakmakende elftal zorgde voor puur entertainment.
Carlos Alberto was een grote persoonlijkheid en aanvoerder van de Brazilianen. Een elegante rechtsback, die graag en veel opkwam. Gérson was een heel eigenzinnige speler, die in de rust altijd snel even twee sigaretjes rookte. Hij was een tacticus met een feilloze pass in zijn linkervoet. Jairzinho was de opvolger van Garrincha. Hij schreef geschiedenis door in ieder van de zes wedstrijden te scoren. Roberto Rivellino was een hangende linksbuiten, beroemd vanwege zijn verwoestende schot én vanwege zijn geweldige snor. En Pelé etaleerde tijdens dit WK nog maar eens zijn technische en atletische kwaliteiten. Hij dribbelde, passte en scoorde. Dit WK, zijn vierde, zou de apotheose van zijn carriëre worden.
Het brein van The Beautiful Team was echter de geniale Tostão. Hij kreeg de bijnaam de Witte Pelé. Hij was net op tijd hersteld om aan het WK deel te nemen. Met zijn club Esporte Club Cruzeiro had hij in de wedstrijd tegen Corinthians een bal in het gezicht gehad. Tostão zag niets meer. Blindheid aan zijn linkeroog dreigde, een zware oogoperatie voorkwam dat. Tostão leek helemaal niet op een voetballer, was eerder aan de houterige kant. Introvert, zwijgzaam. Interesseerde zich voor kunst en literatuur. Studeerde liever dan dat hij voetbalde. De lichtvoetige Tostão was de meest intelligente speler van het elftal. De meester in het lezen van het spel. Hij had gevoel voor nuance en beweging zonder bal. Hij speelde met de rug naar het doel en wist perfect hoe hij zijn subtiele passes moest verdelen. Breed voor de linkervoet van Rivellino, in de ruimte rechts voor Jairzinho, een steekbal door het centrum voor de opkomende Gérson, een één-twee met Pelé.
Brazilië opende het toernooi met een overtuigende 4-1 tegen Tsjechoslowakije. Legendarisch zou Pelé's lob worden over ruim 50 meter, welke maar net over het doel verdween. Het volgende duel, tegen regerend wereldkampioen Engeland, was voor velen al de eigenlijke finale. Jairzinho maakte het verschil (1-0). In de laatste groepswedstrijd werd Roemenië met 3-2 verslagen. De Roemenen scoorden twee keer dankzij een blunderende Félix. Dat deed hij ook in de kwartfinale tegen Peru. Maar ook in dat duel was Brazilié veel te sterk en won het, na een schitterende partij, met 4-2.
De halve eindstrijd was voorbehouden aan vier wereldkampioenen. Italië moest het opnemen tegen Duitsland, Brazilië was gekoppeld aan Uruguay. De Hemelsblauwen kwamen verrassend op voorspong Brazilië nam in de tweede helft de wedstrijd echter volledig in handen en straften het harde spel van Uruguay met 3-1 af. Daarmee kregen ze eindelijk een beetje genoegdoening voor de verloren finale van 1950 in eigen land.
Italië versloeg Duitsland na verlenging met 4-3. En zo stond Brazilië op 21 juni 1970, in het Azteken-stadion van Mexico City, in de finale van het WK tegenover Italië. De Italianen lieten de Brazilianen komen en leunden, zoals gebruikelijk, volledig op hun defensie. Met felle dekking en harde tackles probeerden ze de Brazilianen uit hun spel te halen. Tevergeefs. Pelé scoorde de 1-0 en evenaarde daarmee de prestatie van zijn landgenoot Vavá die ook had gescoord in twee WK-finales (1958 en 1962). Italië maakte tegen de verhouding in nog wel gelijk, maar nadat Gérson vlak na rust de 2-1 maakte konden de Italianen de ongelijke strijd niet meer doen kantelen. Het karwei werd vakkundig afgemaakt door treffers van Jairzinho en Carlos Alberto. Die laatste werd geboren uit een aanval vol schoonheid waarin negen Brazilianen de bal beroerden.
Zo was Brazilië voor de derde keer Wereldkampioen geworden en de hele wereld juichte. Het creatiefloze catenaccio van Italië was de das omgedaan. Het afbraakvoetbal verslagen. Het hoogtepunt van het Futebol Arte was bereikt en de tegenstanders hadden er verblind naar gestaard. Brazilië had aangetoond dat mooi, inventief en avontuurlijk voetbal nog succesrijk kon zijn. Mexico'70 was een WK geworden voor voetbalromantici en The Beautiful Team kon worden bijgezet in het voetbalmuseum der schone kunsten.
Peter Visser
Juni 2006
» Terug