Kein keloel

Vanaf dit seizoen maak ik deel uit van het voetbalpanel van de nieuwe website Twentesport.com, een website van en voor het Twentse sportleven. De rapporteurs van het voetbalpanel beoordelen de wedstrijden en spelers van FC Twente, Heracles Almelo, de Twentse hoofdklassers en de vrouwen van FC Twente. Een wedstrijdje kijken wordt dan dus meer dan een leuk samenspel van sport, ontspanning en sociaal verkeer.
De door mij zo vaak verfoeide tactische prietpraat moet echter van mij niet worden verwacht, maar ik wil natuurlijk ook niet door het gebruik van lekentaal als onbenul door de mand vallen. Dus deed ik tijdens de afgelopen vakantie een spoedcursus Voetbaltaal. Als leermiddelen gebruikte ik onder andere de schrijfsels Over Voetbaltaal van cursusleider Bert Wagendorp, het Groot Voetbalwoordenboek der Nederlandse Taal van Kees van der Waerden, het boekje Voetbaltaal van René Appel en Voetbal International.
Het Eindexamen Cursus Voetbaltaal legde ik met succes af, ik ben er dus klaar voor. Ook om met de zogenaamde voetbaltaalsprekers in gesprek te treden. Nu het voetbalseizoen weer in volle gang is, zullen vele voetballiefhebbers namelijk opeens weer vloeiend tweetalig zijn, zij spreken hun moerstaal én de voetbaltaal. En omdat het voetbal in zulke enorme hoeveelheden de huiskamer binnenkomt en door hen van commentaar moet worden voorzien, spreken zij op zeker moment uitsluitend nog voetbaltaal, ook wanneer het helemaal niet over voetbal gaat; "We eten vanavond in een ruit met de punt naar voren."
In veel gezinnen ontstaat in die periode een probleem. Men begrijpt elkaar niet meer, de niet-tweetaligen raken in een isolement. Er zit ook voor hen maar één ding op: een cursus Voetbaltaal.
In Voetbaltaal gaat het over "De ploeg stond goed.", "4-3-3" en "4-4-2" (hiermee wordt niet bedoeld het aantal volledige zinnen dat door Willem van Hanegem is geuit in de laatste drie afleveringen van Voetbal op Zondag). In Voetbaltaal gaat het over "mandekking", "zonedekking" en "rugdekking". Over "circulatievoetbal", "pressievoetbal" en "postbodevoetbal". Over "De wedstrijd werd op het middenveld beslist.", "counteren" en "in het mes lopen". Over "Wat ze missen, is een goeie 6.", "de 10" en "de ploeg op sleeptouw nemen". Over "speelde een ongelukkige wedstrijd", "eeuwig talent" en de "man of the match", die de rapporteurs iedere wedstrijd moeten kiezen. Over "afjagen", "injagen", en "donderjagen" (voetbaltaalsprekers bewandelen nu eenmaal graag nieuwe paden). Over "poeier", "spetter" en "streep". Over "valse spits", "pinchhitter" en "goaltjesdief". Over "targetman", "oorlog maken in de zestien" en "pompen of verzuipen". Over "stroperig gras", "zwabberbal" en "afvallende bal". Over "De bal is rond.", "Voetbal is oorlog." en "Voetbal is geen kwestie van leven of dood. Het is veel meer."
Voor niet-voetbaltaalsprekers behoor je na de cursus onmiddellijk tot de ingewijden die achteloos iets volslagen onbegrijpelijks naar voren kunnen brengen. Dat is een prettig gevoel.
Voetbaltaal is bovendien zeer belangrijk voor groepsgevoel en groepsidentiteit. Voetbaltaal onderscheidt de leden van de trotse McFootball-clan namelijk van treurige outsiders. Het is een internationale taal waarmee je goede relaties kunt opbouwen. De Voetbaltaal brengt de wereldvrede dichterbij. Het kost slechts een paar uurtjes om het onder de knie te krijgen.
Komende zondag staat voor mij de eerste wedstrijd op het programma. Dan moet ik beoordelen of er bij HSC'21/Brein-Babberich nog uitblinkers voor 1, 2 of 3 sterren in aanmerking komen, wie de "man of the match" is en welk cijfer ik geef voor de amusementswaarde.
En ach, wat dat geanalyseer betreft is het wat mij betreft vaak voldoende om "kein keloel!" te roepen. Dat voorkomt oeverloos gezwets en bovendien citeer je dan toch maar mooi even de beroemde coach Ernst Happel. Daar kun je altijd mee aankomen.
Oefent u het ook maar eens rustig voor uzelf. "Kein keloel!"
Peter Visser
Augustus 2007
» Terug